Waarom functietitels steeds minder zeggen
Functietitels lijken duidelijk, maar zeggen in de praktijk steeds minder over het werk dat werkelijk gedaan moet worden.
Binnen één functietitel kunnen taken, verantwoordelijkheden en benodigde vaardigheden sterk verschillen. Twee mensen met dezelfde functienaam kunnen in de praktijk ander werk doen, terwijl twee mensen met verschillende functietitels juist over vergelijkbare vaardigheden beschikken.
Dat is geen detail. Het raakt direct aan de manier waarop organisaties werven, medewerkers ontwikkelen en kijken naar mobiliteit. Wanneer werk vooral wordt benaderd vanuit functietitels, blijft een deel van het beschikbare talent onzichtbaar. Kandidaten vallen af omdat hun cv niet exact past, terwijl hun vaardigheden mogelijk wel degelijk aansluiten bij het werk.
Juist in een arbeidsmarkt waarin vacatures moeilijk vervulbaar zijn, wordt dat probleem groter. Nederlandse werkgevers ervaren nog steeds grote moeite om vacatures te vervullen, en krapte blijft structureel voelbaar.
Daarom groeit de aandacht voor een andere manier van kijken: niet eerst naar de functienaam, maar naar de taken die uitgevoerd moeten worden en de vaardigheden die daarvoor nodig zijn. De SER beschrijft deze beweging expliciet als de overgang naar een meer skillsgerichte arbeidsmarkt.
Voor organisaties betekent dit dat het zinvol wordt om werk opnieuw te ontleden. Welke onderdelen van een functie zijn echt essentieel? Welke vaardigheden zijn overdraagbaar? En waar is meer ruimte voor ontwikkeling dan vooraf werd gedacht?
Voor professionals betekent het dat een functietitel niet alles bepaalt. Vaardigheden kunnen breder inzetbaar zijn dan de huidige rol laat zien. Dat maakt andere routes mogelijk, binnen een organisatie of daarbuiten.
Functietitels verdwijnen niet. Maar ze zijn steeds minder voldoende om werk, talent en mobiliteit goed te begrijpen.
Wil je weten wat arbeidsmobiliteit kan betekenen voor jouw organisatie of loopbaan?
